Artikelen van Daan Doorenbos

Blog
Een advocaat in de cc is daar iets mis mee?
Het fenomeen van het cc-en van een advocaat of notaris kan niet worden versimpeld op de wijze waarop dat nu in de opsporingspraktijk gebeurt.
27 juni 2019 Artikel Daan Doorenbos
TijdschriftNJB 25 (2019)
Antidemocratische rechtspersonen op ondemocratische wijze verbieden
Joep Koornstra, Berend Roorda en Jan Brouwer
Om het verbieden van ‘antidemocratische’ rechtspersonen eenvoudiger te maken, stelt de regering voor, in een conceptwetsvoorstel dat de consultatiefase inmiddels is gepasseerd, om ook een ongeoorloofd doel net als een ongeoorloofde werkzaamheid van een rechtspersoon reden te laten zijn voor een rechterlijke verbodenverklaring. Op basis van de huidige wet is dit niet mogelijk. Herziening van het verbodsregime in artikel 2:20 BW valt op zichzelf toe te juichen. Bij de wijze waarop de regering dit wil doen, zetten auteurs echter grote vraagtekens. Hun belangrijkste vraagpunt is of het voorgestelde instrumentarium om antidemocratische rechtspersonen te verbieden zelf wel voldoet aan de democratische spelregels.


Lees het hele artikel in Navigator.

Van Nashville tot Staphorst
Tom Herrenberg
In 2019 werd de Nederlandse vertaling van de zogeheten ‘Nashville-verklaring’ gepubliceerd, een van oorsprong Amerikaans document waarin onder meer het homohuwelijk, ‘homoseksuele onreinheid’ en ‘transgenderisme’ worden afgekeurd. Het Openbaar Ministerie is kort na de publicatie van de Nederlandse versie van dit document een onderzoek gestart naar de strafbaarheid ervan. Dit artikel gaat in op de tekst en context van de Nashville-verklaring en bespreekt dit in het kader van de wetsartikelen die ‘groepsbelediging’ (artikel 137 Sr) en ‘aanzetten tot haat of discriminatie’ (artikel 137d Sr) verbieden. Deze strafbepalingen beperken de vrijheid van meningsuiting, maar de rechtspraak heeft ook duidelijk uitgemaakt dat er ruimte is voor behoudende (religieuze) uitingen over progressieve maatschappelijke ontwikkelingen.


Lees het hele artikel in Navigator.

Een advocaat in de cc is daar iets mis mee?
Daan Doorenbos
Advocaten en notarissen worden in de praktijk veelvuldig ook via de cc geïnvolveerd in e-mailcorrespondentie van cliënten. Dat is riskant, omdat er tegenwoordig opsporingsambtenaren en officieren van justitie bestaan die de opvatting huldigen dat wie in de cc van een e-mail staat, niet kan gelden als een geadresseerde van die e-mail. De consequentie van die stelling is vergaand: het betekent dat e-mails aan advocaten via de cc, buiten de reikwijdte van het verschoningsrecht vallen. Opsporingsambtenaren en officieren van justitie zouden zulke e-mails dan ‘gewoon’ mogen lezen en gebruiken in hun onderzoek.


Lees het hele artikel in Navigator.

De advocateneed
Henk Kruijer
Degene die als advocaat ingeschreven wil worden moet de eed of belofte afleggen die in artikel 3 lid 2 van de Advocatenwet is weergegeven: ‘Ik zweer (beloof) 1) getrouwheid aan de Koning, 2) gehoorzaamheid aan de Grondwet, 3) eerbied voor de rechterlijke autoriteiten, en 4) dat ik geen zaak zal aanraden of verdedigen die ik in gemoede niet gelove rechtvaardig te zijn.’ Bij deze eed zullen hierna enkele (kritische) opmerkingen worden geplaatst. Tot slot wordt een herformulering van deze eed voorgesteld.


Lees het hele artikel in Navigator.

26 juni 2019
Blog
De onzichtbare cassatieschriftuur
Volgens auteur is het een gemis dat de schriftuur bij publicatie van het arrest wordt losgemaakt en aldus buiten beeld gehouden. Zonder schriftuur kan in de cassatieprocedure geen debat plaatsvinden. Het zou volgens hem goed zijn wanneer de NJ-redactie voortaan in haar standaard-opmaak van uitspraken in strafzaken het kopje "Cassatiemiddel" van inhoud voorziet.
28 februari 2014 Artikel Daan Doorenbos
TijdschriftNJB 8 (2014)
Constitutionele toetsing in de West
Roel Schutgens en Joost Sillen
Sint Maarten het kleinste en minst bevolkte land van het Koninkrijk kent een heus constitutioneel hof. Op 8 november 2013 wees dit Hof zijn eerste arrest. Dit heeft niet alleen curiositeitswaarde maar is voor Nederlandse juristen ook om inhoudelijke redenen interessant. Het arrest geeft een idee hoe constitutionele toetsing in Nederland eruit zou kunnen zien. Bovendien formuleert het Hof enkele interessante ‘uitgangspunten’ die het bij de uitoefening van zijn toetsingsbevoegdheid in acht zal nemen. Tot slot beantwoordt het arrest rechtsvragen waarover ook de Nederlandse rechter zich mogelijk nog zal moeten buigen, zoals de vraag naar de verenigbaarheid van levenslange gevangenisstraf met het EVRM.
Digitale inhoud en consumentenkooprecht
Evert Neppelenbroek
Met de voorgestelde wijze van implementatie van de Europese Richtlijn consumentenrechten worden de bepalingen over consumentenkoop grotendeels van toepassing op digitale inhoud die niet op materiële dragers wordt geleverd. Hiermee lijkt het consumentenkooprecht van toepassing te worden op alle overeengekomen leveringen van digitale inhoud. Vanuit de literatuur, belangenorganisaties en vervolgens de Eerste Kamer is kritisch gereageerd op de onhanteerbaarheid van een dergelijke bepaling. Met een kleine aanpassing van het implementatievoorstel kan aan alle ter berde gebrachte bezwaren tegemoet worden gekomen.
Leugens in de gehandicaptenzorg
Marijke Malsch
Van oudsher kende Nederland een goede institutionele zorg voor gehandicapten met zo’n 100 zorginstellingen. In de jaren negentig is hier verandering in gekomen met de invoering van het, uit het buitenland en vanuit de psychiatrie overgewaaide, concept van ‘community care’. Gehandicapten zouden moeten integreren in de samenleving en zelfstandig moeten wonen in reguliere woonwijken. Prachtig gelegen instellingen voerden met dit beleid als onderliggend motief een uitzettingsbeleid van gehandicapten teneinde hun terrein voor andere (winstgevender) doeleinden open te kunnen stellen. Nu het idee van community care een mislukking is gebleken, de financieel-economische crisis tot een bouwstop heeft geleid en talloze onderzoeken vraagtekens zetten bij de naleving van de Wet Toelating Zorginstellingen in het bijzonder bij het vereiste leefwensenonderzoek is het hoog tijd voor een politieke ommezwaai.
Mag een spermadonor bepalen wie zijn zaad krijgt?
Aart Hendriks
Begin dit jaar bracht het kersverse College voor de rechten van de mens advies uit over de vraag of spermabanken discrimineren als zij bij het ter beschikking stellen van donorzaad rekening houden met de wensen van de donor. Die wensen liggen onder meer op het gebied van gezinssamenstelling, fysieke kenmerken, gedrag, opleiding en religieuze achtergrond van de ontvangers van zijn zaad. Dat enkele spermabanken hun leveranciers terwille zijn, vormt de aanleiding voor dit advies. Waar het College zich op de kaart had kunnen zetten komt het jammer genoeg met een advies vol onbevredigende antwoorden en gemiste kansen. Want hoe zit het bijvoorbeeld met de preferenties van de ontvangende partij?
De onzichtbare cassatieschriftuur
Daan Doorenbos
Waarom wordt de schriftuur waarmee het debat voor de Hoge Raad wordt ingeleid en waarin de rechtsvragen worden opgeworpen waarover de AG en de Strafkamer zich vervolgens uitlaten, niet meegenomen in de publicatie van het arrest? Een arrest kan werkelijk beter worden begrepen wanneer zichtbaar is hoe de klacht(en) waarop wordt beslist luidde(n).
27 februari 2014
TijdschriftNJB 34 (2013)
Een bijna ongebreidelde beteugeling van de tijd
Martijn Stronks
Een analyse van aanscherpingen van de glijdende schaal
In 1990 werd de zogenaamde ‘glijdende schaal’ ingevoerd ten behoeve van de rechtszekerheid en versterking van de verblijfszekerheid van vreemdelingen. Maar deze schaal bleek in de daaropvolgende decennia een tijdmachine met vier knoppen waaraan naar believen gedraaid kan worden teneinde een restrictiever vreemdelingenbeleid te bereiken. De ernst van het misdrijf, de lengte van het verblijf, de toepasselijke straffen en de vreemdelingen op wie het beleid van toepassing is, het zijn allemaal instrumenten om de teugels aan te trekken. Met als resultaat eindeloze voorwaardelijkheid voor de migrant.
‘Krijgt hij nog een kans, of rekenen we af?’
Sigrid van Wingerden, Martijn Moerings en Johan van Wilsem
Rechters over de rol van het recidiverisico bij de straftoemeting
Het recidiverisico van de dader is in theorie een belangrijke straftoemetingsfactor indien gestraft wordt met het oog op speciale preventie. In deze studie wordt onderzocht welke rol het recidiverisico in de praktijk speelt bij de straftoemetingsbeslissing van de rechter. Rechters zeggen aan hoog-risico-daders eerder bijzondere voorwaarden op te leggen en altijd op zoek te zijn naar aanknopingspunten dat de dader zijn leven wil beteren. Dit getuigt van een straftoemetingpraktijk die gekenmerkt wordt door penal welfarism. Desalniettemin worden hoog-risico-daders soms wel zwaarder bestraft, echter niet vanwege hun recidiverisico, maar vanwege hun sanctielijn: als daders hun kansen om hun leven te beteren hebben vergooid, stappen rechters over op vergelding en incapacitatie. De straftoemetingspraktijk is dan ook een mix van traditionele vergeldingsgerichtheid, penal welfarism en new penology.
De Nederlandse Belastingdienst in de Tweede Wereldoorlog
Corjo Jansen
Peter Essers heeft in 2012 een diepgravend boek gepubliceerd onder de titel: Belast verleden. Het Nederlandse belastingrecht onder nationaalsocialistisch regime. De opstelling van de belastingdienst is, zo luidt het eindoordeel, weinig verheffend te noemen. In onderstaande beschouwing worden enkele algemene bespiegelingen gegeven naar aanleiding van de opstelling van de belastingdienst tijdens de Tweede Wereldoorlog waarbij gebruik wordt gemaakt van de analyses van de socioloog Lammers, die getracht heeft het bestuurlijke handelen tijdens de oorlog te verklaren met onder meer het begrip gezag.
Een waardeloos zwijgrecht?
Daan Doorenbos
Tweede Kamer opgelet! (deel 2)
Bij de volwaardige erkenning van de rechtspersoon als rechtssubject in het strafrecht en het bestuurlijk handhavingsrecht, past een volwaardige erkenning van zijn rechtspositie. Dan behoort rekening te worden gehouden met het simpele feit dat de rechtspersoon zich gedraagt, spreekt en zwijgt door middel van zijn mensen. De Minister van Economische Zaken wil het zwijgrecht van de onderneming inperken, in die zin dat ex-werknemers in de toekomst wel verplicht zullen zijn te verklaren over een vermeende overtreding van de ex-werkgever. Dit zal er echter toe leiden dat het zwijgrecht van de onderneming in voorkomend geval een waardeloze rechtswaarborg blijkt.
4 oktober 2013
Blog
Een waardeloos zwijgrecht? Tweede Kamer opgelet! (deel 2)
Het zwijgrecht voor een rechtspersoon niet sterker inperken dan van een natuurlijke persoon.
3 oktober 2013 Artikel Daan Doorenbos
TijdschriftNJB 24 (2013)
Gaten dichten
Roeland Böcker
Toetreding van de Europese Unie tot het EVRM
In april werd overeenstemming bereikt tussen de Raad van Europa en de Europese Unie over een ontwerptoetredingsverdrag van de Unie tot het EVRM. Daarmee werd vervulling van de verplichting tot toetreding door de EU, vastgelegd in het Verdrag van Lissabon, een cruciale stap dichterbij gebracht. Doel is het recht en de handelingen van de Unie te onderwerpen aan het extern toezicht door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens en daarmee niet alleen eenheid in de uitleg en toepassing van mensenrechten in geheel Europa te bevorderen, maar tevens gaten te dichten in het toezicht. Daadwerkelijke toetreding zal niet plaatsvinden dan nadat de Hoven van beide organisaties advies hebben uitgebracht, de beide organisaties in hoogste instantie de verdragstekst hebben aangenomen en alle partijen het verdrag hebben geratificeerd.
Voorrang van VN-recht op mensenrechten in Nederland
Anne de Vries-Stotijn en Annemarie Middelburg
HR Sanctieregeling Iran, een stap richting HvJ Kadi?
Uit Kadi volgt, aldus het Gerechtshof ’s-Gravenhage in de zaak Sanctieregeling Iran, dat het de nationale rechter ‘a fortiori’ vrij staat om nationale uitvoeringsmaatregelen van VN-verplichtingen aan fundamentele grondrechten te toetsen. Deze uitspraak markeerde een grote stap in de Nederlandse mensenrechtenbescherming. De Hoge Raad is iets minder expliciet. Enerzijds legt de Hoge Raad de nadruk op de voorrang van het VN-recht ex art. 103 VN-Handvest, anderzijds wordt de uitspraak van het gerechtshof bevestigd. Een voorzichtige conclusie is dat hiermee de toepasselijkheid van Kadi in Nederland is vast komen te staan.
Dwangvoeding aan gedetineerden in hongerstaking
Pauline Jacobs
Over een dwalende Raad van State en botsende belangen
In verschillende detentiecentra zijn illegale vreemdelingen in hongerstaking gegaan. Op verzoek van de staatssecretaris bracht de Raad van State een advies uit over de vraag of deze gedetineerden onder dwang gevoed mogen worden. Binnen twee dagen lag dat advies er. Dat het haastwerk was blijkt wel uit de rammelende onderbouwing van dit discutabele advies.
Tweede Kamer opgelet!
Daan Doorenbos
Stiekeme uitholling van het zwijgrecht en overruling van de rechter
In een onlangs ingediend wetsvoorstel dat strekt tot ‘stroomlijning’ van het door de Autoriteit Consument en Markt te houden markttoezicht is, nadat de memorie van toelichting geschreven en de Raad van State geconsulteerd was, een wijziging opgenomen die beoogt de ex-werknemer zijn recent door het College van Beroep voor het bedrijfsleven expliciet erkende zwijgrecht te ontzeggen. De argeloze lezer zou het zomaar kunnen ontgaan.
Reacties op Nederlanders, Nederlandse juristen en de Holocaust
Bart van der Boom en Hieke Snijders-Borst
14 juni 2013