Wetsvoorstel (21-12-2022) houdende invoering publiek toezicht en handhaving van de verordening 2019/1150 van het Europees Parlement en de Raad ter bevordering van billijkheid en transparantie voor zakelijke gebruikers van onlinetussenhandelsdiensten (Wet publiek toezicht en handhaving verordening bevordering billijkheid en transparantie voor zakelijke gebruikers van onlinetussenhandelsdiensten)

—Dit wetsvoorstel voorziet in een bevoegdheid voor de Autoriteit Consument en Markt (ACM) om toezicht te houden op de naleving van Verordening (EU) 2019/1150 ter bevordering van billijkheid en transparantie voor zakelijke gebruikers van onlinetussenhandelsdiensten (de P2B-verordening). Deze verordening legt transparantievereisten op aan dergelijke platforms (denk bijvoorbeeld aan reserveringsplatforms, vergelijkingssites, online marktplaatsen en appstores) in hun relatie met ondernemers die goederen of diensten via een platform aanbieden aan consumenten en bevat bepalingen over geschillenbeslechting tussen deze partijen. Daarnaast voorziet het wetsvoorstel in wijziging van Boek 3 BW en het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) ter verduidelijking van de verhouding tussen de bepalingen van de verordening inzake collectieve rechtsvorderingen en de nationaalrechtelijke bepalingen inzake collectieve rechtsvorderingen.

De P2B-Verordening regelt diverse transparantieverplichtingen voor platforms, buitengerechtelijke verhaalsmogelijkheden voor ondernemers, de mogelijkheid om collectieve acties in te stellen en geeft regels voor de handhaving. Het uitgangspunt van het kabinet als het gaat om toezicht op de bepalingen in de P2B-verordening, is dat ondernemers in principe zelf tot een oplossing kunnen komen met platforms middels buitengerechtelijke geschillenbeslechting of civielrechtelijke handhaving. Het wetsvoorstel voorziet daarnaast in publiekrechtelijk toezicht en handhaving op de bepalingen van de verordening door de ACM, aanvullend op de civielrechtelijke handhaving en de mogelijkheden tot buitengerechtelijke handhaving. De ACM kan optreden in gevallen waarin een platform zich schuldig maakt aan een inbreuk op de regels van de verordening waarbij de collectieve belangen van ondernemers worden geschonden. De ACM krijgt met dit wetsvoorstel dus geen rol bij het oplossen van individuele geschillen.

De P2B-verordening bevat geen regels over de afbakening van de rechtsmacht van nationale autoriteiten of over samenwerking tussen die autoriteiten. De kans op een lappendeken is aanwezig. De Afdeling advisering van de Raad van State wees in haar advies op het belang om op het niveau van de Europese Unie nadere afstemming te zoeken over de inrichting van het publieke toezicht op de P2B-verordening, mede in het licht van de andere voorstellen op het terrein van digitalisering. Volgens de regering zal die afstemming in elk geval plaatsvinden binnen het reguliere overleg tussen de Europese Commissie, lidstaten en handhavende autoriteiten over de toepassing van de P2B-verordening.

Kamerstukken