Uit de klei getrokken / de kluiten gewassen

Klei, zand, stro, blaadjes, takjes. Veel geduld. En fixeer. En lijm, neem ik aan, want - zoals de maker het treffend verwoordde - “je wilt niet dat met kerst alles van de wand af flikkert.”

Het gaat over ‘Aarde’ van Jos de Putter, dat de komende vijf en half jaar het meest geteleviseerde en gefotografeerde kunstwerk van Nederland zal zijn. Het staat/hangt in het holst van de wetgevende macht: de tijdelijke plenaire zaal van de Tweede Kamer, zolang de verbouwing van het Binnenhof duurt. Het bestaat uit vijf panelen, dus kennelijk ééntje voor elk parlementair uitwijkjaar, met een half jaar blessuretijd. Alle panelen tonen eigenhandig door De Putter uit de klei getrokken kluiten zee- en rivierklei uit het hele land, van Zeeland tot Oost-Groningen, die volgens de toelichting aan de rondgeleide Kamerleden vijf aarde-configuraties weergeven: 'de aarde zoals je die aantreft, zonder compositie, zonder bewerking', 'ontluikende aarde', 'bewerkte aarde', 'een aarde die tot handelswaar verworden is', en 'aarde waar je (mee) speelt'. Erg politiek is de boodschap dus niet, want “kunst die stelling neemt, wordt geen betere kunst”, aldus De Putter. Maar de kunstenaar licht in interviews wel toe dat de aarde, rechtop gezet (“dat is geen sinecure”), nu meepraat in plaats van aan onze voeten ligt: “rechtop; dat is de positie van een gesprekspartner. Hoe je het ook wendt of keert, de komende vijf en half jaar beschouwen we de relatie tussen de mens en de planeet. Er móét iets veranderen tussen ons en de planeet.”

Het plafond achter vak K in de wetgeverlijke dependance is veel te laag voor de doeken van ‘Het Oog’ van Rudi van de Wint die in de eigenlijke vergaderzaal van de Tweede Kamer hangen/staan, vanwaartussen bewindslieden als acteurs plachten op te komen en af te gaan: 7 meter hoog en 2 tot 5 meter breed. ‘Het Oog’ gaat volgens de website van de Tweede Kamer overigens niet over een oog, maar over de verhouding tussen licht en donker. Het getuigt van continuïteit dat De Putter ook licht wilde gebruiken. Hij wilde Hollands buitenlicht brengen in de buitenwereldresistente Haagse vissekom, door projectie op een scherm, maar het organiserend comité vreesde, vermoedelijk terecht, dat grapjassen, of erger, de aansturing van het scherm zouden hacken. De Aarde vervangt dus Het Licht.

Van grapjassen gesproken. Kwalificaties van de kluiten doen uiteraard de ronde, zoals “de brokstukken van het kabinet Rutte”, de bijnaam die, naar te vrezen valt, de meeste kans maakt op klijven (“de klimwand”, getwitterd door VVD-kamerlid Valstar, al valt er nog geen meter te klimmen) en de suggestie om “die stenen naar je tegenstander te gooien als het debat niet lukt” (Pieter van Vollenhoven; de kunstenaar preciseert fijntjes dat geen steen is verwerkt). Accurater is dan de woordspeling van Frits Wester in een RTL-filmpje over het kunstwerk naar aanleiding van de discussie die in komkommertijd is ontstaan over de artistieke waarde en, jawel, natuurlijk, de kosten: “er is nog geen debat geweest, maar het moddergooien is al begonnen.” Kamerlid Van der Plas (BoerBurgerBeweging) vindt ‘Aarde’ overigens juist “prachtig: gewoon boerengrond, poten in de klei, in de Tweede Kamer!” Gevraagd naar zijn reactie op het commentaar, treft de kunstenaar de juiste toon: “Alle commentaar is welkom en iedereen is verantwoordelijk voor het niveau van z’n eigen grappen.” Op vragen over de prijs (een kleine twee ton, inclusief alle kosten) reageerde hij anders dan de farmaceutische industrie, nl. met een specificatie, maar hij had ook kunnen voorrekenen dat bij rijksbouwaanbesteding boven € 10 miljoen een half % van het budget aan kunst moet worden besteed, dat de verbouwing voor de tijdelijke verplaatsing van de democratie € 161 miljoen kostte, dat een half % daarvan € 805.000 is en dat een kleine twee ton dan een koopje is. De vraag rijst wel waar de overige zes ton dan zit, behalve kennelijk in vier panelen met patronen van zand uit de rest van de wereld, van Alaska tot Nieuw-Zeeland, die De Putter met zandkunstenares Elvira Wersche heeft gemaakt in de rondgang van de dependance. Misschien tellen niet-gebudgetteerde bouwkostenoverschrijdingen niet mee in het percentage, hoezeer toch ook goed gebruik bij overheidsaanbestedingen. Een andere vraag is wat er na die vijf en half jaar met de Aarde gebeurt. Laten we hopen dat zij dan nog bestaat.

Voor zover het ter zake doet: ik vind ‘Aarde’ mooi, en ik vind het jammer dat het niet ook enige panelen met riet omvat.

 

Dit Vooraf verschijnt in NJB 2021/2156, afl. 29. 

 

Afbeelding: © Dirk Hol/ANP (uitsnede)

Over de auteur(s)
Peter Wattel
A-G bij de Hoge Raad en hoogleraar Europees belastingrecht