Artikelen van Jet Tigchelaar

Blog
Aanpak ‘onnodige’ sekseregistratie
Er zijn weer een paar bescheiden stappen gezet om zelfbeschikking van mensen, ongeacht geslacht, te bevorderen.
14 juli 2020 Gastposts Marjolein van den Brink Jet Tigchelaar
Blog
Seksuele gerichtheid in de Grondwet: strategie en principe
Principieel dient het gelijkheidsbeginsel juist ook de mensen voor wie weinig of geen begrip en respect bestaat, te beschermen tegen disproportionele ongelijke behandeling en uitsluiting.
5 juni 2020 Artikel Marjolein van den Brink Jet Tigchelaar
TijdschriftNJB 22 (2020)
Google en de extraterritoriale effecten van de AVG
Herke Kranenborg
De AVG is als zodanig niet de wereldwijde standaard voor gegevensbescherming. Het leidt echter geen twijfel dat de Europese gegevensbeschermingsregels een grote rol spelen in de mondiale ontwikkeling van het recht op gegevensbescherming. Niet alleen als algemene inspiratiebron, maar ook doordat ondernemingen in derde landen rechtstreeks aan de regels gebonden kunnen zijn en gegevens alleen naar een derde land kunnen worden doorgegeven als aan bepaalde vereisten is voldaan. Deze laatste twee aspecten van de AVG kennen wel bepaalde grenzen als internet en de wereldwijde vrijheid van meningsuiting in het geding zijn, zoals blijkt uit de rechtspraak van het Hof van Justitie over Google en het recht om vergeten te worden.

[verder lezen in NAVIGATOR]

Crimineel of slachtoffer?
Nosh van der Voort en Willemijn Warnaars
Deze bijdrage ziet op de vraag of (benadeelde) bedrijven die hun digitale achterdeur open laten staan voor cybercriminelen in de toekomst moeten vrezen om (ook) als dader aangemerkt te worden. Minister Grapperhaus kondigde al aan dat de overheid harder gaat optreden tegen (niet-gereguleerde) bedrijven die hun internetbeveiliging niet op orde hebben. In deze bijdrage wordt ingegaan op de huidige cybersecuritywetgeving, op de vraag of de theoretische strafrechtelijke handhaving ook in de praktijk werkbaar is en wordt afgerond met enkele beschouwingen voor de toekomst.

[verder lezen in NAVIGATOR]

Willekeur in immateriële schadevergoeding?
Sanne van Can
Wat is de visie van strafrechters op het vereiste geestelijk letsel en hoe passen zij dit toe in de praktijk? Om daar achter te komen is strafrechters gevraagd naar de wijze waarop zij een immateriële schadevordering naar aanleiding van psychische schade bij een slachtoffer van een strafbaar feit behandelen. Eerder bleek al uit jurisprudentie en informatie uit ‘het veld’ dat rechters hier niet eenduidig over oordelen. De interviews bevestigen dit. Uitbreiding van de motiveringsplicht op het punt van de vordering van de benadeelde partij zou duidelijkheid van en begrip voor het oordeel van de rechter ten goede komen en ook de kwaliteit van dat oordeel kunnen verbeteren.

[verder lezen in NAVIGATOR]

Seksuele gerichtheid in de Grondwet
Marjolein van den Brink en Jet Tigchelaar
Er is discussie over artikel 1 van de Grondwet. De aanleiding is een gewijzigd initiatiefvoorstel om de bestaande beschermingsgronden tegen discriminatie aan te vullen met handicap en seksuele gerichtheid. De olifant in de Kamer – pedoseksualiteit – wordt daarmee niet benoemd want dat zou tot zoveel commotie kunnen leiden dat het hele voorstel wordt getorpedeerd. Auteurs van deze opinie menen echter dat grondwettelijke bescherming ook voor die groep geen probleem is en zelfs principieel geboden, ongeacht of bescherming wordt gebaseerd op een nieuw op te nemen grond ’seksuele gerichtheid’ of ‘op welke grond dan ook’.

[verder lezen in NAVIGATOR]

Wat is rechtswetenschap?
Olaf Ifzaren en Nina Bohm
Reinout Wibier schreef in NJB 13 een stuk over de taakopvatting van rechtswetenschappers. Wij zien enkele problemen in zijn betoog die we hier graag aanstippen.

[verder lezen in NAVIGATOR]

4 juni 2020
TijdschriftNJB 22 (2013)
Enkele belangrijke aspecten van bestuurdersaansprakelijkheid ex art. 6:162 BW belicht
Mythe Stolp
Het Spaanse villa-arrest heeft heel wat beroering teweeggebracht. De Hoge Raad zou ten onrechte een nieuwe afzonderlijke categorie van bestuurdersaansprakelijkheid hebben gecreëerd waardoor het leerstuk van de bestuurdersaansprakelijkheid aan het schuiven zou zijn gebracht. Volgens auteur staat deze zaak echter in het teken van de aansprakelijkheid van een professioneel bemiddelaar in onroerend goed en dus niet in de sleutel van bestuurdersaansprakelijkheid. Waarom zou het oordeel dat onrechtmatig handelen van een bestuurder aan de vennootschap kan worden toegerekend op grond van het maatschappelijk verkeer, niet samen kunnen gaan met het oordeel dat de bestuurder in zijn hoedanigheid van professioneel bemiddelaar aansprakelijk is?
Een empirisch gefundeerde bespreking van mogelijke wijzigingen van de wrakingsprocedure
Wibo van Rossum en Jet Tigchelaar
Deze bijdrage vat de belangrijkste gegevens en inzichten samen uit een empirisch onderzoek uit 2012 naar de wrakingsprocedure. De auteurs willen daarmee een meer op empirische gronden gefundeerde bijdrage aan de discussie over beperkende aanpassingen van de wrakingsprocedure leveren. Na het beschrijven van enkele ontwikkelingen in cijfers en de uitkomsten van hun jurisprudentie-onderzoek, geven de auteurs weer welke inzichten ze hebben opgedaan tijdens hun observaties van zittingen en interviews met advocaten en partijen. Die inzichten analyseren zij vervolgens in het licht van de theorie over procedurele rechtvaardigheid, die hen ook helpt bij het formuleren van kritische kanttekeningen bij de mogelijke aanpassingen.
Witwassen én ontnemen, een voedingsbodem voor onbegrip?
Melissa D. Nuis
Over de verwarring rondom het bewijzen van het delict witwassen en het daarvan te onderscheiden vaststellen van de omvang van het wederrechtelijk verkregen voordeel op basis van de ontnemingsmaatregel
De methode die zeer goed gebruikt kan worden om de omvang van het wederrechtelijk verkregen vermogen te (doen) schatten, wordt door het OM (een enkele uitzondering daargelaten) al vrij snel als voldoende bewijs voor witwassen gebezigd, terwijl concrete feiten en omstandigheden hierbij niet in voldoende mate voorhanden zijn. Het daadwerkelijk rechercheren wordt hier kennelijk overgeslagen. Deze aanpak door het OM en (soms) overgenomen door de rechter in eerste aanleg is wel heel erg kort door de bocht, zo niet te kort. Daarbij wordt dikwijls onterecht het standpunt ingenomen dat het op de weg van de verdachte ligt aannemelijk te maken dat het (witwas)vermoeden ongegrond is.
31 mei 2013