Artikelen van Jan-Peter Loof

Tijdschrift NJB 32 (2014)
Rechtspraak anno 2014
Michiel van Emmerik, Jan-Peter Loof en Ymre Schuurmans
Anno 2014 is het gezag van de rechterlijke macht niet langer vanzelfsprekend en ligt zij onder een vergrootglas. De rechterlijke macht is lang niet altijd in staat adequaat te reageren op ongemakkelijke incidenten die zich met enige regelmaat voordoen (zoals in de Chipshol-zaak). Aan de hand van zogenaamde systeemwaarborgen (zoals regelingen met betrekking tot verschoning en wraking van rechters, incompatibiliteiten en toedeling van zaken) kan de rechterlijke macht uitleggen hoe zij omgaat met zorgen omtrent de onafhankelijkheid, onpartijdigheid en integriteit van de individuele rechter én dat die zorgen onterecht zijn. Hoewel Nederland in het algemeen voldoet aan de Europese en internationale normen inzake de onafhankelijkheid, onpartijdigheid en integriteit van de rechtspraak, bestaan er op onderdelen ook kwetsbaarheden en zijn sommige systeemwaarborgen in Nederland relatief zwak ontwikkeld. Enige voorstellen worden gedaan (uitbreiding incompatibiliteiten, meer aandacht voor financiële belangen van de rechter en de (neven)functies van de partner, een transparante regeling van zaakstoedeling en een structureler integriteitsbeleid) die ertoe kunnen bijdragen dat de rechterlijke macht een objectief en onderbouwd antwoord kan geven op vragen vanuit de samenleving waarbij haar gezag ter discussie wordt gesteld.
Wet werk en zekerheid
Willem Bouwens
De Wet werk en zekerheid heeft belangrijke gevolgen voor het ontslagrecht en de rechtspositie van flexwerkers. De wet introduceert onder meer een ‘transitievergoeding’ en behelst een ingrijpende wijziging van de regeling voor opvolgende arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd. In deze twee regelingen wordt een uitzondering gemaakt voor werknemers die de leeftijd van achttien jaar nog niet hebben bereikt en wier werkzaamheden gemiddeld een omvang van ten hoogste twaalf uren per week hebben. Kleine deeltijdbanen vóór de achttiende verjaardag, bijvoorbeeld als caissière in een supermarkt of als bediende in een restaurant, blijven derhalve buiten beschouwing bij de beoordeling of een nieuw aangeboden arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van rechtswege wordt omgezet in een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd en of de betreffende werknemer bij ontslag in aanmerking komt voor een transitievergoeding. In deze bijdrage stelt de auteur de vraag aan de orde of deze uitzonderingen in strijd zijn met het Europese recht. Zijn conclusie laat geen ruimte voor misverstand.
Hinkende huwelijken in internationale organisaties
Ulli d’Oliveira
Een onderbelichte kant van de vele internationale organisaties betreft de rechtspositie van hun ambtenaren, en in het verlengde daarvan de rechten en plichten van hun naasten. Op 8 juli 2014 heeft de Secretaris-Generaal van de VN, als hoofd van het management van de organisatie, een belangrijke beleidswijziging bij het vaststellen van de persoonlijke status van de stafleden van de VN doorgevoerd. De VN ontwikkelen hiermee een eigen erkenningsregel, die afwijkt van het gebruikelijke opereren met het recht van de nationaliteit van het staflid, en die het mogelijk maakt (same-sex) huwelijken te erkennen, ook al worden die niet erkend in het vaderland van het staflid.
Wilsonbekwame proefpersonen
Jos Dute
Medisch-wetenschappelijk onderzoek waarbij proefpersonen worden ingezet, is gericht op het algemene belang van de vooruitgang van de wetenschap en de gezondheidszorg. Soms kunnen proefpersonen echter ook een eigen, persoonlijk belang hebben bij deelname aan onderzoek, bijvoorbeeld als een veelbelovend geneesmiddel wordt getest. Dat noemen we therapeutisch onderzoek. Er is ook onderzoek waarbij de proefpersoon zelf geen enkel belang heeft. Gedacht kan worden aan onderzoek naar de hersenstructuur van demente bejaarden. We spreken dan van niet-therapeutisch onderzoek.
25 september 2014
Tijdschrift NJB 5 (2013)
Vechten tegen spoken in de mist?
Jon Schilder, Jan-Peter Loof en Kees Sparrius
Over veiligheidsonderzoeken voor vertrouwensfuncties en rechtsbescherming
De bescherming van vitale functies in de samenleving behoort tot de kerntaken van de overheid. Staatsgeheimen behoren niet op straat te liggen en terroristische aanslagen moeten worden voorkomen. Het veiligheidsonderzoek door de AIVD bij aanstellingen in vertrouwensfuncties speelt daarbij een belangrijke rol. Maar ten koste waarvan? Het systeem zoals het nu werkt houdt te weinig rekening met de belangen van de (beoogde) vertrouwensfunctionarissen. De rechtspositie van de betrokkenen valt, ondanks denkbare dilemma’s, zelfs met eenvoudige maatregelen te verbeteren. Schade kan al worden voorkomen door betere communicatie. Weten (potentiële) vertrouwensfunctionarissen voldoende welke risico’s verbonden zijn aan een bepaalde levenshouding of aan de keuze van een (nieuwe) partner? Kunnen ze vermoeden welk gevecht hun mogelijkerwijs te wachten staat?
De ondoorgrondelijke systematiek van het wetsvoorstel HOF
Jan-Herman Reestman
Het wetsvoorstel inzake houdbare overheidsfinanciën dat de verplichtingen uit het Stabiliteitsverdrag met betrekking tot de Europese begrotingsregels in het nationale recht omzet roept nogal wat verwarring op. Terwijl het nu juist de bedoeling was om de regels inzichtelijk te maken voor politici en burgers.
Een (verdere) civilisering van het strafproces
Willem F. Korthals Altes
Door Promis zijn we eraan gewend geraakt dat vonnissen in strafzaken qua opzet wat meer op civiele vonnissen zijn gaan lijken. Rechters stellen feiten vast, bespreken de standpunten van partijen en geven dan hun oordeel. Die lijn zouden we ook naar de voorkant van het strafproces kunnen doortrekken, als we net als in civiele zaken aan partijen (OM en verdediging) in een eerder stadium van het proces een substantiëringsplicht zouden opleggen. De kwaliteit van het strafgeding en daarmee ook van het vonnis zou erbij gebaat kunnen zijn.
Reactie op ‘De onzichtbare kosten van controle- en selectieprocedures’
P. Hooimeijer
Tolken en vertalen in strafzaken op orde
Han von den Hoff
Nederland voldoet wél aan EU-richtlijn 2010/64
1 februari 2013
Blog
Rechtspraak anno 2014. Vertrouwen is goed maar controle kan (nog) beter
Nederland voldoet in het algemeen aan de Europese en internationale normen inzake de onafhankelijkheid, onpartijdigheid en integriteit van de rechtspraak, maar toch bestaan er op onderdelen ook kwetsbaarheden en zijn sommige systeemwaarborgen in Nederland relatief zwak ontwikkeld.
24 september 2014 Artikel Michiel van Emmerik Jan-Peter Loof Ymre Schuurmans