In tijden van nood leert men

De vorige wereldwijde crisis, ingezet met het bankroet van Lehman Brothers (dat volgens ECB-bazin Lagarde niet was gebeurd als het Lehman Sisters waren geweest), was vooral een banken-, financiële en uiteindelijk budgettaire crisis die leidde tot ongekende staatssteun aan met name systeembanken en bail outs van hele landen door opkoop door de ECB van (staats)schulden om instorting van het financiële systeem en nationale budgetten te voorkomen.

Die duizelingwekkende bedragen, die nog steeds op de balansen van de centrale banken staan (ECB: € 2.500 miljard; een derde van de staatsschulden in de Eurozone), worden met de Covid-19-steunmaatregelen ruim overtroffen; we zitten al rond de € 10.000 miljard aan overheidsinterventies en de centrale banken zijn weer (meer) aan het opkopen. Anders dan toen, mogen we nu ook nog eens niet buiten spelen. Toen stond je huis misschien onder water, hypothecair gesproken, maar lag jij of je echtgenoot of je moeder niet op de IC en weerhield niets je – behalve dat geen bank je wilde financieren – om te ondernemen. Of te sporten of naar het theater te gaan.

Toen die vorige crisis enigszins onder controle was, gingen overheden en burgers/belastingbetalers achter verantwoordelijken, profiteurs en niet-bijdragers aan: in de eerste plaats de banken en de derivatives industry (kapitaaleisen, toezicht, noodfondsen op bankkosten, bankbelastingen, verboden op short gaan, financial transaction taxes, enz.). Hoe bizar financiële speculatie is, bleek recent toen je 40 $ toe kreeg als je een barrel West Texas Intermediate afnam. Onder die futures zat tenminste nog echte olie (dat was juist het probleem) in plaats van securitized gebakken lucht, zoals de subprimes die de kredietcrisis inluidden. In de tweede plaats de belastingontduikers en -ontwijkers en hun facilitators zoals bankgeheimjurisdicties, belastingparadijzen en agressieve belastingcontructeurs. De G20/OESO trad grootschalig op tegen BEPS (base erosion and profit shifting). De EU liep voorop met automatische fiscale en financiële gegevensuitwisseling, antimisbruikrichtlijnen, een zwarte lijst met non-cooperative jurisdictions, meldplichten voor aanbieders van belastingconstructies, staatssteunonderzoeken naar tax rulings (Starbucks, Amazon, Apple, Fiat, Engie, etc.) en afspraken tegen schadelijke belastingconcurrentie. Never waste a good crisis. Die crisis maakte dingen mogelijk die daarvoor onmogelijk leken. Er is nu bijvoorbeeld een ESM noodfonds waaruit Spanje en Italië kunnen putten.

En big tech moest ook in de EU eindelijk maar eens belasting gaan betalen, reden voor een digital services tax (DST). Die staat nu in de ijskast, niet alleen omdat Trump Macron dreigt met een camembert- en beaujolaisboycot als buiten de VS belastingontwijkende Amerikaanse tech bedrijven worden belast, maar ook omdat een deel van tech zich tot white knight van de Covid-19-crisis ontwikkelt omdat het de onmisbare infrastructuur voor de anderhalve-meter-samenleving heeft: het stelt ons in staat om online te shoppen, te binge streamen en gamen, thuis te werken, te vergaderen en te overleggen, onderwijs te geven en te volgen, en straks om een Covid-19-app te installeren. Ook de (systeem)banken, die ondanks hun gebleven systemische moral hazard en bonusverslaving nu eens niet de gebeten hond zijn, grijpen hun kans om ingedeeld te worden bij de oplossing in plaats van bij het probleem. Maar de crisis toont bijvoorbeeld ook dat de platformeconomie de kosten van werkloosheid van hun schijnzelfstandigen en flexwerkers afwentelt op de belastingbetaler. Het is te hopen dat de lopende Umwertung aller Werten meebrengt dat we ook lang na deze crisis nog inzien dat fatsoenlijk ondernemen en medisch, verplegend en (thuis)zorgpersoneel, onderwijzers, politie en (andere) openbare diensten en een sterke en verantwoordelijke overheid, dus gewoon belasting en premie betalen, véél belangrijker en beter zijn voor de maatschappij en de mens dan (bijvoorbeeld) high frequency trading, dividend stripping, desinformatie op social media en patentuitmelkconstructies; dat we het moeten hebben van de mensen die iets voor de samenleving over hebben; niet van de specialisten in financieel parasiteren en misbruik van omstandigheden, zoals die Amerikaanse farmaceut die snel vóór het plafond van 200.000 Covid-19-patiënten werd bereikt, weesgeneesmiddelstatus verwierf voor zijn experimentele middel, wat fiscaal voordeel en 7 jaar ‘marktexclusiviteit’ (uitknijpmachtsmisbruikpositie) zou opleveren, terwijl evident was dat Covid-19 het tegendeel van een zeldzame ziekte is.

Bemoedigend lijkt dat het Rotterdamse Covid-19-rapport ‘De bedreigde stad1 een groot en toenemend vertrouwen constateert in overheid, RIVM, GGD, huisarts en traditionele media, en een klein en verder afnemend vertrouwen in ‘farma’ en social media. Een goed politiek signaal lijkt dat Denemarken crisissteun weigert aan bedrijven wier corporate tree langs jurisdicties op de zwarte EU-lijst van belastingparadijzen loopt en dat Polen steun weigert als een bedrijf de laatste twee jaren onvoldoende belasting heeft betaald in Polen. En geen dividenduitkeringen, geen inkoop van eigen aandelen en geen bonussen. Daaraan werkt ook de EU Commissie in haar staatssteunbeleid. Bemoedigend is ook dat 60 institutionele beleggers, goed voor € 5.000 miljard, big pharma waarschuwen dat zij infectieziektenbestrijding willen in plaats van patentparasitisme,2 maar ontmoedigend is dat kennelijk alleen de taal van geld verstaan wordt. Waaróm zijn pharma en tech eigenlijk zo big? Waarom laat de politiek dat gebeuren? De crisis toont ook versneld wat al gaande was: big tech en big pharma zijn het nieuwe Standard Oil: hun macht groeit nu nog harder, met name de cloud en streaming diensten, en Amazon, dat fysieke winkels nog verder kan marginaliseren, terwijl Shell voor het eerst in 85 jaar zijn dividend verlaagt, met 66%.

De Deense en Poolse maatregelen zullen belasting-ontwijking door multinationals niet merkbaar verminderen, en big pharma zal zijn ontransparante uitknijpverdien-model niet snel opgeven, maar het zijn hopelijk signalen dat deze crisis als upside verdere beteugeling van het on-solidaire c.q. parasitaire kapitalisme en enige deglobalisering kan opleveren ten gunste van maatschappelijke ondernemingen en sectoren waar je wel van op aan kunt als het er op aankomt.

 

Dit Vooraf wordt gepubliceerd in NJB 2020/1133, afl. 18

 

  1. www.eur.nl/essb/media/2020-04-rapportdebedreigde-stad
  2. www.nrc.nl/nieuws/2020/04/29/beleggers-manen-farmaceuten-a3998289
Over de auteur(s)
Peter Wattel
A-G bij de Hoge Raad en hoogleraar Europees belastingrecht