Stb. 2017, 124 Versterking positie curator

Wet van 22-03-2017, Stb. 2017, 124

Wet tot wijziging van de Faillissementswet in verband met de versterking van de positie van de curator (Wet versterking positie curator)

—De eind 2012 in gang gezette herijking van het faillissementsrecht berust op drie pijlers, te weten modernisering, versterking van het reorganiserend vermogen van bedrijven en fraudebestrijding. Om faillissementsfraude effectiever te kunnen bestrijden, waren drie wetsvoorstellen aangekondigd. Twee daarvan staan inmiddels in het staatsblad (Stb. 2016, 153 Civielrechtelijk bestuursverbod en Stb. 2016, 154 Herziening strafbaarstelling faillissementsfraude). En de Wet versterking positie curator is de derde. Deze heeft eveneens tot doel een bijdrage te leveren aan de bestrijding van faillissementsfraude, en wel door het versterken van de positie van de curator. Ten eerste door de informatiepositie van de curator te versterken door de inlichtingen-, medewerkingsplichten en de plicht tot het overleggen van de administratie in faillissement te verduidelijken en te versterken. Ten tweede door een wettelijke institutionalisering van de fraudesignalerende rol van de curator en in een versterking hiervan door te voorzien in vervolgstappen voor de curator als hij in het faillissement onregelmatigheden signaleert. De versterking van de informatiepositie en van de fraudesignalerende rol van de curator zijn bedoeld om bij te dragen aan het vergroten van het boedelactief. Daarmee draagt de wet ook bij aan de beperking van de maatschappelijke schade van faillissementen. De wet voorziet samengevat in de volgende maatregelen:

  • a. de curator wordt wettelijk verplicht om in faillissementen te bezien of er sprake is van eventuele onregelmatigheden (art. 68 Fw);
  • b. in voorkomend geval informeert de curator vertrouwelijk de rechter-commissaris en doet, als hij of de rechter-commissaris dit nodig acht, melding of aangifte van de onregelmatigheden bij de bevoegde instanties (art. 68 Fw);
  • c. in het faillissementsverslag vermeldt de curator hoe hij zich van zijn fraudesignalerende rol heeft gekweten (art. 73a Fw).
  • d. in de wet wordt verankerd dat de gefailleerde de curator niet alleen desgevraagd, maar ook eigener beweging inlicht over feiten en omstandigheden waarvan hij weet of behoort te weten dat deze voor de curator van belang zijn (art. 105 Fw); e. de curator moet worden geïnformeerd over het bestaan van eventuele buitenlandse activa, zoals vastgoed en banktegoeden, en alle medewerking moet worden verleend om de curator daarover de beschikking te geven (art. 105 Fw);
  • f. de gefailleerde verleent de curator alle medewerking bij het beheer en de vereffening van de boedel (art. 105a Fw);
  • g. de gefailleerde draagt terstond de administratie over aan de curator met daarbij de noodzakelijke middelen, zoals encryptiesleutels, om de inhoud binnen redelijke termijn leesbaar te kunnen maken (art. 105a Fw);
  • h. derden, die de administratie van de failliet in de uitoefening van hun beroep of bedrijf geheel of gedeeltelijk onder zich hebben, zijn verplicht om de administratie desgevraagd aan de curator ter beschikking te stellen (art. 105b Fw);
    • i. bij faillissement van een rechtspersoon, vennootschap onder firma of commanditaire vennootschap gaan de inlichtingen- en medewerkings- verplichtingen (ook) gelden voor:
    • i. bestuurders, commissarissen, vennoten en voor feitelijk bestuurders;
    • ii. de bestuurder(s) van een of meer rechtspersonen die bestuurder is of zijn van de failliet;
    • iii. de vennoten van een of meer vennootschappen onder firma of commanditaire vennootschappen die bestuurder is of zijn van de failliet; en
    • iv. iedereen die in de drie jaar voorafgaande aan het faillissement bestuurder, commissaris of vennoot bij de failliet was (art. 106 Fw).

De kerntaak van de curator wordt overigens niet aangetast; de curator is en blijft vooral beheerder en vereffenaar van de failliete boedel ten bate van de gezamenlijke crediteuren.


Inwerkingtreding

Inwerkingtredingsbesluit van 19-04-2017, Stb. 2017, 176

Besluit tot vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van de de Wet van 22 maart 2017 tot wijziging van de Faillissementswet in verband met de versterking van de positie van de curator (Wet versterking positie curator) (Stb. 2017, 124) en van de Wet van 22 maart 2017, houdende wijziging van de Uitvoeringswet verordening Europese procedure voor geringe vorderingen en de Uitvoeringswet verordening Europese betalingsbevelprocedure ter uitvoering van Verordening (EU) 2015/2421 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2015 tot wijziging van verordening (EG) nr. 861/2007 tot vaststelling van een Europese procedure voor geringe vorderingen en Verordening (EG) nr. 1896/2006 tot invoering van een Europese betalingsbevelprocedure (PbEU 2015, L 341/1) (Stb. 2017, 125)

De Wet versterking positie curator (Stb. 2017, 124) treedt in werking m.i.v. 01-07-2017. De wet tot wijziging van de Uitvoeringswet verordening Europese procedure voor geringe vorderingen en de Uitvoeringswet verordening Europese betalingsbevelprocedure (Stb. 2017, 125) treedt, m.u.v. artikel I, onder C, in werking m.i.v. 14-07-2017.


Kamerstukken



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.