Conclusie AG: box 3-heffing over verloren vermogen door onteigening aandelen soms ‘buitensporige last’

Geschreven door: Redactie op

De box 3-heffing over verloren vermogen door de onteigening van aandelen door de Staat kan onder omstandigheden een individuele en buitensporige last zijn en daarmee onredelijk. Dit kan tot gevolg hebben dat de heffing in zijn geheel niet moet plaatsvinden. Dat schrijft advocaat-generaal René Niessen in zijn op 5 januari jl. gepubliceerde conclusie.

De belanghebbende belegde bijna zijn hele vermogen op 31 januari 2013 in aandelen SNS Reaal. Een dag later, op 1 februari 2013, onteigende de Staat de aandelen om de bank van de ondergang te redden. De man raakte daarmee nagenoeg zijn gehele vermogen kwijt.

In de aangifte inkomstenbelasting over 2013 heeft de man zijn aandelenpakket voor box 3 per 1 januari 2013 opgenomen voor nihil, rekening houdend met de ontwikkelingen van een maand later. De Inspecteur hield vast aan de waarde van het vermogen op 1 januari. De man bezat op dat moment een vermogen van enkele tonnen. Hij moest rondkomen van een AOW-uitkering en een klein aanvullend pensioen. Door de box 3-heffing (vermogensrendementsheffing van 1,2%) raakte het besteedbaar inkomen van de man onder de armoedegrens. Doordat zijn vermogen op 1 januari te hoog was, had hij voor het jaar 2013 geen recht op huurtoeslag.

De man was het met de berekening van de Inspecteur niet eens en startte een juridische procedure. Hij beriep zich op het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden stelde hem in het gelijk. De staatssecretaris van Financiën ging tegen deze uitspraak in cassatie bij de Hoge Raad.

Dat de man een groot deel van zijn vermogen verloor en met zijn inkomen zelfs beneden de armoedegrens is geraakt, brengt volgens de advocaat-generaal met zich dat het individuele belang te weinig gewicht heeft gekregen tegenover het algemeen belang. De vermogensrendementsheffing is voor de man daarom een individuele en buitensporige last. Dit kan anders zijn afhankelijk van de hoogte van de door de Staat uit te betalen schadevergoeding. Daarover loopt in deze zaak nog een civiele procedure.

De advocaat-generaal adviseert de zaak naar een ander gerechtshof te verwijzen, zodat dat kan worden uitgezocht. Daarna moet opnieuw worden beoordeeld of sprake is van een individuele en buitensporige last. Als het verwijzingshof tot dat oordeel komt, moet de vermogensrendementsheffing in 2013 in zijn geheel niet worden geheven, adviseert de advocaat-generaal.

Het is nog niet bekend wanneer de Hoge Raad uitspraak doet in deze zaak.

 

Bron: www.rechtspraak.nl ECLI:NL:PHR:2017:1397

Naam auteur: Redactie
Geschreven op: 8 januari 2018

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.